Steranijs is de vrucht van de Illicium verum, een inheemse altijdgroene boom in China. Het kan in zowel zoete als in hartige gerechten gebruikt worden. Het is een specerij dat onderdeel is van het Chinese vijfkruidenpoeder. Het wordt in Aziatische gerechten vaak gebruikt in combinatie met varkensvlees en eend. Ook in diverse Indiase garam masala’s ontbreekt dit aromatische kruid niet.

Verwar steranijs niet met ‘gewoon’ anijszaad, want dat heeft, ook al lijkt het ergens wel op elkaar, een andere smaakbeleving. In de herfst is het lekker in de homemade appelmoes of in een warm kruidig appelsapje. Doordat het een hoog ‘zoetgehalte’ heeft kan het ook goed gebruikt worden om een bittertje uit een gerecht te halen.

Zelf gebruik ik het vooral als ik een curry maak om meer smaakdiepte te krijgen. Ik laat dan een paar sterren meepruttelen (met een pijpje kaneel). Steranijs blijft lang zijn aroma behouden heb ik ervaren. Zo heeft 10 jaar geleden iemand zakken steranijs meegenomen vanuit India en dat is nu pas op.

Tegenwoordig kun je ook gemalen steranijs verkrijgen, maar ik ben daar geen voorstander van. Zelf malen geeft altijd veel meer aroma dan de voorgemalen specerijen. Hoewel het handig is als je een lui moment hebt, maar dan boet je dus qua smaak in. Maar dat is een keuze.